26 augustus 2026
Praten over zelfdoding is ook vandaag nog een delicate aangelegenheid. Toch berust de preventie ervan onder meer op het vermogen om tekenen van psychisch lijden te herkennen, inzicht te hebben in de factoren die tot zelfdoding kunnen bijdragen en te weten hoe te reageren wanneer iemand in grote nood lijkt te verkeren.
Zelfdodingen en suïcidepogingen op de werkplek vormen een relatief recent verschijnsel dat vanaf de jaren 1990 zichtbaarder is geworden, aldus Isabelle Gernet, klinisch psychologe en hoofddocente klinische psychologie (2024). In haar onderzoek benadert ze zelfdoding als “geweld tegen zichzelf met de dood tot gevolg” (Gernet, 2024).
In een breder perspectief benadert Fabrice Jollant, psychiater en onderzoeker gespecialiseerd in de preventie van en inzicht in suïcidaal gedrag, dit gedrag als het geheel van handelingen die een persoon tegen zichzelf stelt met een bepaalde intentie om te sterven (2023). Naargelang de afloop van die handeling moet een onderscheid worden gemaakt tussen een geslaagde zelfdoding, wanneer de persoon als gevolg van diens daad overlijdt, en een suïcidepoging, wanneer die niet tot de dood leidt, ongeacht de lichamelijke gevolgen die eruit kunnen voortvloeien.
Dat onderscheid herinnert eraan dat suïcidepreventie niet beperkt blijft tot de daad op zich. Dit omvat ook de herkenning van de verschillende uitingen van suïcidaal gedrag en inzicht in situaties van psychologisch lijden die daaraan vooraf kunnen gaan.
Deze dag wordt georganiseerd door de International Association for Suicide Prevention (IASP) in samenwerking met de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Dit moet het publiek bewustmaken van suïcidepreventie en moet acties bevorderen die kunnen helpen om levens te redden.
Dit initiatief vormt ook een gelegenheid om aandachtig te kijken naar een realiteit die ook de arbeidswereld betreft. Suïcidaal gedrag kan iedereen treffen en kan naasten, collega’s, leidinggevenden en actoren op het gebied van welzijn op het werk confronteren met bijzonder aangrijpende en soms moeilijk te vatten situaties.
In die context is dit artikel bedoeld om (jou) concrete aanknopingspunten aan te reiken om dit soort gedragingen beter te begrijpen, de signalen ervan te herkennen en te weten hoe te reageren. Zo kan iedereen, met meer kennis en betere instrumenten, bijdragen om een meer oplettende en ondersteunende omgeving te creëren.
De meest recente Belgische gegevens in ons denkkader dateren van 2022[1].
Er bestaan overigens verschillen tussen de gewesten, met een suïcidesterftecijfer per 100.000 inwoners van 16,6 sterfgevallen in Wallonië, 15,1 in Vlaanderen en 12,7 in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
Met 15,4 sterfgevallen per 100.000 inwoners zat België dat jaar boven het gemiddelde van de Europese Unie, dat 10,6 sterfgevallen bedroeg.
De statistieken van 2022 tonen bovendien een aanzienlijk verschil tussen mannen en vrouwen, met een suïcidesterftecijfer van 22 bij mannen en 9,4 bij vrouwen.
Als Externe Dienst voor Preventie en Bescherming op het Werk (EDPBW) herinnert onze ervaring op het terrein ons er elke dag aan dat achter deze statistieken in de eerste plaats mensen, levenstrajecten en concrete situaties schuilgaan.
We ontmoeten en begeleiden werknemers, teams en werkgevers die geconfronteerd worden met soms bijzonder delicate situaties: een medewerker in nood, een verontrustende gedragsverandering, aanhoudende tekenen van onbehagen, een zorgwekkende uitspraak of ook een verontrustende situatie en alles wat een gepaste reactie vereist.
De arbeidswereld kan een rol spelen bij de vroegtijdige opsporing van psychisch lijden. Leidinggevenden, collega’s, vakbondsafgevaardigden, vertrouwenspersonen, preventieadviseurs, arbeidsartsen: iedereen kan op hun niveau bijdragen aan deze preventieve aanpak. Het doel is niet om een specialist in zelfdoding te worden, maar om te weten hoe signalen kunnen worden herkend, hoe een gepast luisterend oor kan worden geboden, hoe kan worden doorverwezen en hoe hulp kan worden ingeschakeld wanneer dat nodig blijkt.
In 2025 hadden we al een artikel gewijd aan suïcidepreventie, waarbij we eraan herinnerden dat de werkplek een essentiële hefboom voor preventie kan vormen. Zo kunnen een welwillende omgeving, een luistercultuur en de steun van collega’s en leidinggevenden stuk voor stuk helpen om psychische nood te voorkomen.[2]
Geconfronteerd worden met een situatie van suïcidale nood kan veel vragen oproepen en bijzonder ontwrichtend zijn. Duidelijke aanknopingspunten en concrete tools kunnen in dergelijke omstandigheden helpen om de situatie beter te begrijpen en gepast te reageren.
We werken nauw samen met instellingen die gespecialiseerd zijn in deze thematiek. Dankzij dit partnerschap kunnen onze preventieadviseurs hun kennis uitbreiden en actualiseren, hun vaardigheden ontwikkelen en gebruikmaken van tools voor een betere begeleiding van organisaties en werknemers die met deze realiteit worden geconfronteerd.
Want suïcidepreventie vergt in de eerste plaats dat we samen kunnen handelen en zorgen voor de creatie van een meer oplettende, meer ondersteunende en meer beschermende werkomgeving.
Noodsignalen herkennen, daar durven over praten, zonder oordeel luisteren en doorverwijzen naar de juiste hulpbronnen zijn enkele principes die belangrijke aanknopingspunten bieden wanneer een situatie zorgwekkend is. Wat niet betekent dat we alle antwoorden moeten kennen. Integendeel: de grenzen van onze rol erkennen en weten wanneer en bij wie we hulp moeten vragen, maken eveneens deel uit van preventie.
Om je bij deze complexe situaties te begeleiden, geven we je graag vijf punten met essentiële vragen die je doorneemt wanneer een situatie van psychische nood ontstaat, zowel voor werknemers als voor organisaties:
Bepaalde gedragsveranderingen kunnen je aandacht trekken: sociale terugtrekking, isolement, verbreking van het contact met naasten, slaapstoornissen, een duidelijke gedragsverandering of ongewoon gedrag.
Deze signalen betekenen niet noodzakelijk en systematisch dat iemand suïcidaal is. Wel wijzen ze op een leed dat gehoord moet worden.
Bepaalde elementen moeten je meer alert maken op het risico dat de persoon tot de daad kan overgaan: uitspraken als “ik zou beter dood zijn” of “het heeft geen zin meer om verder te leven”, toespelingen op zelfdoding (“ik zou me beter ophangen”), een ongebruikelijke fascinatie voor de dood (“het zou zo fijn zijn om er niet meer te zijn”), gevaarlijk gedrag of tekenen die wijzen op de voorbereiding van een vertrek.[3]
Wat je vooral moet onthouden, is dat een verandering die je zorgen baart op zich al voldoende reden is om de persoon te benaderen.
Het belangrijkste is dat je niet doet alsof er niets gezegd werd.
Je kan het onderwerp rechtstreeks aankaarten in eenvoudige bewoordingen zoals:
“Je zegt dat je niet meer kan. Denk je dan aan zelfdoding? “
Zelfdoding duidelijk benoemen, brengt de persoon niet op ideeën. Integendeel, zo kan je nagaan of je het inderdaad over hetzelfde hebt en kan je de persoon helpen om onder woorden te brengen wat die doormaakt.
Antwoordt de persoon “ja”, dan kan je nog meer open vragen stellen om te begrijpen wat die doormaakt.
Het is niet de bedoeling dat dit een verhoor wordt of dat je meteen een oplossing vindt. Het gaat er in de eerste plaats om de situatie in te schatten, te luisteren, het lijden ernstig te nemen, het te erkennen en de dialoog gaande te houden.
Niet alle suïcidale situaties zijn even dringend.
Een eerste aanknopingspunt bestaat erin om jezelf enkele vragen te stellen:
Heeft de persoon zelfdodingsgedachten? Denkt die na over een concreet scenario? Zegt die duidelijk op welke manier die dat scenario zou uitvoeren? Geeft de persoon aan dat die tot de daad wil overgaan? Heeft de persoon een min of meer precieze termijn aangegeven om tot de daad over te gaan?
Algemeen bestaan er drie niveaus van urgentie:
Deze aanknopingspunten kunnen de beoordeling door een professional uiteraard niet vervangen. Bij twijfel of bij acuut gevaar is het dan ook essentieel om gespecialiseerde hulp of de hulpdiensten in te schakelen.
De manier waarop je je opstelt, is van groot belang.
Een vertrouwensklimaat creëren, zonder oordeel luisteren, open vragen stellen en de persoon de ruimte geven om te vertellen wat die doormaakt, zijn belangrijke eerste stappen.
Je kan de persoon ook helpen om diens hulpverleners in kaart te brengen: een naaste, een familielid, een vriend, een professional of een gespecialiseerde dienst. Zo wordt duidelijk dat de persoon er niet alleen voor staat.
Belangrijk is dat je niet probeert om alles zelf op te lossen. Begeleiden betekent dat je ook weet wanneer je de fakkel doorgeeft.
Iemand doorverwijzen naar een professional betekent niet dat je de persoon in de steek laat. Integendeel, je kan de persoon concreet helpen om deze eerste stap te zetten, bijvoorbeeld door samen de juiste dienst te zoeken en bij de persoon te blijven terwijl die belt.
Het is van fundamenteel belang dat een organisatie niet wacht tot er zich een crisis voordoet om na te denken over de manier waarop ze wil handelen. Gemeenschappelijke aanknopingspunten kunnen vooraf worden vastgelegd: de personen met wie contact moet worden opgenomen, de referentiedocumenten en -procedures, de hulpverleners en tools die kunnen worden ingezet, de rol van eenieder en de manier waarop de betrokken werknemer(s) kunnen worden ondersteund.
Deze voorbereiding is des te belangrijker wanneer zich binnen de organisatie een gebeurtenis in verband met zelfdoding voordoet, ongeacht of het om een suïcidepoging of een zelfdoding gaat.
In een dergelijke situatie kan een snelle, weloverwogen en omkaderde communicatie ertoe bijdragen dat isolement wordt voorkomen en dat het team de nodige ondersteuning krijgt.
De preventieadviseurs psychosociale aspecten van Cohezio kunnen je helpen om afstand te nemen en je bij deze denkoefening begeleiden vóór, tijdens en na de crisis of ingrijpende gebeurtenis: een interventieproces uitwerken, interne en externe hulpverleners en tools in kaart brengen, nadenken over de communicatie, ondersteunende instrumenten en documenten ter beschikking stellen, een debriefing organiseren wanneer dit aangewezen is, maar ook suïcidepreventie in het algemene welzijnsbeleid van je organisatie integreren.
Wanneer, bijvoorbeeld, een medewerker suïcide pleegt of probeert te plegen in de professionele omgeving of privésfeer, kan Cohezio verschillende vormen van ondersteuning aanbieden aan de betrokken collega’s, leidinggevenden en teams. Deze tools kunnen de vorm aannemen van ruimtes waar mensen “hun verhaal kwijt kunnen”, hun emotionele belasting en individuele of collectieve stress kunnen uiten, net als de begeleiding van leidinggevenden bij de opvolging van de gebeurtenis of ondersteuningsgesprekken na een traumatische gebeurtenis (Post-Traumatic Stress Disorder – PTSD) voor personen die met een mogelijk traumatiserende gebeurtenis zijn geconfronteerd.
Preventie betekent dus dat men weet wat te doen bij een crisis, maar ook dat men zich erop voorbereidt en nadenkt over de nazorg. Belangrijk daarbij is dat we voor ogen houden dat dergelijke situaties zwaar doorwegen op mensen, ook al is de organisatie voorbereid.
Om concreet te illustreren met welke situaties professionals in de arbeidswereld kunnen worden geconfronteerd, willen we hier de getuigenis opnemen van een van onze preventieadviseurs:
Ik herinner me een situatie waarin een werkgever contact met me opnam. Een medewerker die te horen zou krijgen dat hij wordt ontslagen, had namelijk suïcidale gedachten geuit tegenover de leidinggevende. De werkgever wist niet hoe hij in deze situatie moest reageren.
Mijn allereerste advies was: neem dit ernstig. Het was ontzettend belangrijk om tegen de medewerker te kunnen zeggen: “We horen wat je zegt, we maken ons zorgen om je en we willen weten hoe we je kunnen helpen.”
Ook adviseerde ik om de persoon niet zomaar alleen te laten vertrekken zonder na te denken over wat er direct kon worden geregeld. Daarbij moest er met name worden gecontroleerd of er een naaste kon worden ingeschakeld om de werknemer op te vangen, en moesten de contactgegevens van de Zelfmoordlijn worden meegegeven.
Een andere uitdaging bestond erin om die twee zaken strikt gescheiden te houden: de suïcidale gedachten aan de ene kant en de ontslagprocedure aan de andere kant. Ook al speelde de situatie op het werk mee, toch mochten de suïcidale uitspraken niet louter gezien worden als een reactie op het ontslag. De prioriteit lag eerst bij het luisteren naar het psychische leed en het beheersen van de crisis. Pas daarna kon het professionele aspect apart worden behandeld.
Dit soort situaties herinnert ons ook aan de grenzen van onze rol. Als preventieadviseur ben ik er niet om een diagnose te stellen, noch om in mijn eentje te bepalen in welk stadium van het suïcidale proces iemand zich bevindt. Wel kan ik doorvragen, luisteren, ernstig nemen wat er wordt gezegd en helpen om de juiste hulpverleners en tools in te schakelen.
Wat ik vooral onthoud van dit soort situaties, is dat je een suïcidale uitspraak nooit zomaar mag negeren. Als iemand aangeeft erover na te denken om een einde aan diens leven te maken, is het belangrijk om te laten merken dat we hebben gehoord wat die persoon zegt en samen te zoeken hoe die geholpen kan worden.
Mensen mogen niet alleen achterblijven in dit soort situaties.
M.N.
Preventieadviseur Psychosociale Aspecten
De signalen herkennen.
Erover durven te praten.
Luister zonder te oordelen.
Doorverwijzen naar de juiste hulpverleners of tools.
En niet alleen blijven.
Preventie is een collectieve aanpak.
Zorg voor jezelf, laten we voor elkaar zorgen …
In een noodsituatie is het belangrijk dat mensen niet alleen met hun vragen blijven zitten.
Verschillende gespecialiseerde hulpverlenende instanties kunnen worden ingeschakeld voor mensen in een crisissituatie, hun naasten, derden of professionals.
Vlaanderen – Zelfmoordlijn 1813: 1813
https://www.suïcide1813.be/
Centre de Prévention du Suicide: 0800/32 123
https://www.preventionsuicide.be/
Wallonië – Un pass dans l’impasse (SOS Suicide): 0800/777.40
https://un-pass.be/
Tele-Onthaal (NL): 106
Télé-Accueil (FR): 107
Acuut gevaar of medische urgentie: 112.
Naargelang de situatie kunnen verschillende hulpverlenende instanties worden ingeschakeld: de hulpdiensten, de behandelende arts, de huisarts van wacht of de arbeidsarts.
[1] https://www.indicators.be/nl/i/G03_SUI/nl
[2] https://www.cohezio.be/nl/news/suïcidepreventie-ook-de-werkvloer-speelt-een-sleutelrol/
[3] Deze voorbeelden zijn niet exhaustief en niet cumulatief: een of meer van deze elementen kunnen een alarmsignaal vormen; ze hoeven niet allemaal aanwezig te zijn.
Gernet, I. (2024). Suicide au travail. In S. Leduc, G. Valléry, M. Bobillier Chaumon, M. Bobillier-Chaumon, É. Brangier et M. Dubois Psychologie du Travail et des Organisations : 120 notions clés (3e édition, p. 598-601). Dunod. https://doi.org/10.3917/dunod.valle.2024.01.0598.
Jollant F. Suicide et conduites suicidaires [Internet]. Boulogne-Billancourt: Encyclopædia Universalis France, 2023. Beschikbaar op: https://www.universalis.fr/encyclopedie/suicide-et-conduites-suicidaires/ (Geraadpleegd op 05/08/2026).