Re-integratie 3.0 - Nieuwe wettelijke verplichtingen

Het nieuwe koninklijk besluit over de re-integratie van arbeidsongeschikte werknemers werd gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 30 december 2025.

vakantie-flexmail

De volledige tekst vind je hier terug. De wetgeving is in werking getreden op 1 januari 2026, maar er is geen impact op re-integratietrajecten die reeds opgestart zijn vóór 1 januari 2026.

De belangrijkste veranderingen die deze nieuwe wettekst met zich meebrengt.

1. Versterkte preventie en een nieuw recht voor werknemers: het preventieve traject

Elke werknemer die van mening is dat hij het risico loopt op arbeidsongeschiktheid, kan voortaan aan zijn werkgever vragen om na te gaan of een aanpassing van zijn werkpost en/of aangepast of ander werk mogelijk is, dit om uitval te voorkomen. De werkgever dient deze vraag te overwegen en kan indien nodig advies inwinnen bij verschillende preventieadviseurs (arbeidsarts, psychosociale aspecten, ergonoom, veiligheid, enz.), maar is niet verplicht om in te stemmen met het verzoek. Het doel is om uitval te voorkomen en actie te ondernemen vóór het ziekteverlof ingaat.

 

2. Verplichte procedure voor het onderhouden van contact tijdens de arbeidsongeschiktheid

Deze procedure maakt deel uit van een actief absenteïsmebeleid dat in alle organisaties geïmplementeerd moet worden. Er zal onder andere een nieuw hoofdstuk geïntegreerd moeten worden in het arbeidsreglement: elke werkgever moet een procedure opmaken voor het onderhouden van contact met arbeidsongeschikte werknemers (wie neemt contact op, hoe vaak). Het doel is om de link met het werk te behouden en de terugkeer te faciliteren, zonder controle of de arbeidsongeschiktheid terecht is.

 

3. Bezoek voorafgaand aan de werkhervatting nu ook op verzoek van de werkgever

Het bezoek voorafgaand aan de werkhervatting, dat tot nu toe alleen kon worden aangevraagd door een arbeidsongeschikte werknemer, kan nu ook worden aangevraagd door de werkgever. Dit wordt ook wel ‘informele’ re-integratie genoemd. De werknemer is echter niet verplicht om op de uitnodiging in te gaan. De arbeidsarts nodigt de werknemer zo snel mogelijk uit en kan afhankelijk van de problematiek andere experts inschakelen (ergonomie, psychosociale aspecten, enz.). Het doel is om de werkhervatting te faciliteren door concrete adviezen voor aangepast of ander werk, zonder formele verplichtingen.

 

4. Snellere opstart van de re-integratietrajecten

Een re-integratietraject kan voortaan door de werknemer, maar ook door de werkgever mits instemming van de werknemer, worden opgestart vanaf de 1e dag van arbeidsongeschiktheid. Vroeger moest de werkgever drie maanden wachten.

 

5. Nieuw concept: systematische inschatting van het “arbeidspotentieel”

Het KB bepaalt dat na minstens 8 weken arbeidsongeschiktheid de werkgever aan de arbeidsarts moet vragen om een inschatting van het “arbeidspotentieel” van de werknemer (vermoedelijk vermogen om aangepast werk of ander werk te verrichten) uit te voeren.

 

Als het arbeidspotentieel wordt bevestigd, hebben organisaties:

  • met 20 of meer werknemers de verplichting om een formeel re-integratietraject op te starten uiterlijk 6 maanden na het begin van de arbeidsongeschiktheid.
  • met minder dan 20 werknemers de mogelijkheid om een re-integratietraject op te starten, maar dit is niet verplicht.

 

6. Opvolging van afwezigheden bij de afspraken met de arbeidsarts in het kader van het re-integratietraject

De adviserend arts van de mutualiteit moet geïnformeerd worden als de werknemer niet ingaat op de uitnodiging van de arbeidsarts voor de re-integratiebeoording, zodat de werknemer in voorkomend geval kan worden gesanctioneerd in het kader van de arbeidsongeschiktheidsverzekering.

 

7. Gecentraliseerde medische communicatie via TRIO

Het TRIO-platform wordt het verplichte communicatiekanaal tussen de arbeidsarts, de adviserend arts en de huisarts (met toestemming van de werknemer). Het doel is om de uitwisseling van medische informatie te vergemakkelijken en te beveiligen. Aangezien TRIO nog niet beschikbaar is voor bepaalde artsen (bijv. interne diensten), kunnen tijdelijk alternatieve methodes worden gebruikt.

 

8. Procedure voor versnelde beoordeling van definitieve ongeschiktheid

Verkorting van de termijn: de procedure voor de beoordeling van definitieve ongeschiktheid, die aanleiding kan geven tot medische overmacht, kan worden gestart na 6 maanden ongeschiktheid (in plaats van 9 maanden vroeger).

 

9. De rol van de regionale diensten voor arbeidsbemiddeling

In geval van definitieve ongeschiktheid wordt de werknemer doorverwezen naar de regionale diensten voor arbeidsbemiddeling (VDAB, Actiris, Forem) om andere mogelijkheden voor re-integratie te verkennen.

 

10. Formaliteit, traceerbaarheid en rechtszekerheid

Operationele nieuwigheid: vanaf 1 januari 2026 moeten alle uitnodigingen voor medische afspraken in het kader van de re-integratietrajecten aangetekend worden verzonden om de traceerbaarheid en rechtszekerheid te garanderen.

Aandachtspunten

  • Bepaalde concepten in deze nieuwe wetgeving zijn nog onderhevig aan interpretatie. Dit geldt bijvoorbeeld voor het “arbeidspotentieel” en de manier waarop dit wordt beoordeeld in de praktijk
  • Re-integratietrajecten die al aan de gang zijn, worden niet beïnvloed door de nieuwe verplichtingen. De nieuwe regels zijn enkel van toepassing op arbeidsongeschiktheden die starten vanaf 1 januari 2026. Dit betekent concreet dat de verplichting voor werkgevers met 20 of meer werknemers om binnen de zes maanden na de start van de arbeidsongeschiktheid een re-integratietraject op te starten voor werknemers met arbeidspotentieel, uitsluitend geldt voor deze nieuwe gevallen.

Impact op jullie HR-beleid

Hier volgen enkele gevolgen voor jullie HR-beleid die we reeds hebben geïdentificeerd:

 

  • Aanpassing van het arbeidsreglement met de procedure voor het houden van contact tijdens de arbeidsongeschiktheid en de rol van iedere betrokkene bij deze procedure ( HR, hierarchische lijn, preventiedienst).
  • Implementatie van een systematische opvolging van de afwezigheden: de gegevens van werknemers die langer dan 4 weken afwezig zijn moeten doorgegeven worden aan de arbeidsarts, proactieve informatie verstrekken over de mogelijkheden om terug aan het werk te gaan ( bezoek voorafgaand aan de werkhervatting, re-integratie, ….)
  • Vanaf minstens 8 weken arbeidsongeschiktheid moet een inschatting van het arbeidspotentieel aangevraagd worden. In geval van potentieel moet uiterlijk 6 maanden na het begin van de arbeidsongeschiktheid een traject opgestart worden.

Infosessies

Om al deze maatregelen en de manier waarop we ze geleidelijk zullen invoeren, in detail toe te lichten, organiseert Cohezio in januari infosessies in de vorm van webinars. Het spreekt voor zich dat een dergelijke verandering analyses en aanpassingen van procedures vereist. Hier werken we dan ook actief aan. Je contactpersonen bij Cohezio kunnen je ook meer informatie geven naarmate we meer details ontvangen van de bevoegde autoriteiten.